Energie
Studenten Erasmus Universiteit: energiesysteem vraagt om regie voor grootschalige opslag zoals Delta21
De casus van Delta21 is recent ingebracht binnen een academisch programma van de Erasmus Universiteit. Een groep studenten bracht de institutionele omgeving van het project in kaart en analyseerde hoe de overheid omgaat met de inkoop van flexibele energie, welke aanpassingen nodig zijn om flexibiliteit te vergroten en risico’s te verkleinen, en welke rol de overheid daarin zou moeten spelen. Ook werd gekeken naar hoe andere Europese landen pompwaterkracht organiseren.
De uitkomst van het onderzoek is duidelijk: het Nederlandse elektriciteitssysteem is op dit moment niet ingericht om grootschalige, langdurige energieopslag zoals Delta21 mogelijk te maken.
Een structureel hiaat in het systeem
Waar de overheid actief stuurt op de ontwikkeling van technologieën die zij essentieel acht, zoals wind, zon en kernenergie, blijft flexibiliteit en opslag grotendeels overgelaten aan de markt. Tegelijkertijd richt TenneT zich primair op het beheer en de exploitatie van het elektriciteitsnet. Daardoor ontstaat een situatie waarin langdurige opslag tussen wal en schip valt: er is geen structurele ondersteuning vanuit beleid en de markt alleen biedt onvoldoende prikkels om dit type oplossingen te ontwikkelen.
Die prikkels zijn bovendien vooral gericht op kortetermijnoplossingen, zoals batterijen. Systemen voor langdurige opslag, die juist op systeemniveau waarde toevoegen, worden daarmee onvoldoende beloond.
Delta21 als systeemkritische infrastructuur
De analyse laat zien dat Delta21 moet worden gezien als systeemkritische infrastructuur. De maatschappelijke waarde van het project, van waterveiligheid en vermindering van netcongestie tot prijsstabiliteit en leveringszekerheid, is groter dan wat de markt zelfstandig kan organiseren of beprijzen. In een energiesysteem dat steeds afhankelijker wordt van weersinvloeden, nemen de risico’s toe en worden de gevolgen van verstoringen vooral maatschappelijk voelbaar.
Tegelijkertijd lopen de belangen van een stabiel en goed regelbaar energiesysteem niet automatisch gelijk met die van individuele marktpartijen. Juist daarom ligt een grotere regierol voor de overheid voor de hand.
Lessen uit Europa
De Europese praktijk onderstreept dit beeld. In landen waar pompwaterkracht succesvol wordt ontwikkeld, speelt de overheid een actieve rol, bijvoorbeeld via publieke investeringen of publiek-private samenwerking, met duidelijke langetermijndoelen en beleidskaders die risico’s verkleinen en flexibiliteit belonen.
Voor Nederland betekent dit dat een puur marktgerichte aanpak niet volstaat. De ontwikkeling van Delta21 vraagt om heldere keuzes, gedeeld risico en een overheid die actief richting geeft. Dat vraagt ook om aanpassing van wet- en regelgeving.
Heldere conclusie
De conclusie van de studenten is helder: zonder een actievere rol van de overheid en zonder structurele aanpassingen in het systeem, loopt Nederland het risico op aanhoudende netcongestie, stijgende energiekosten en het niet halen van de klimaatdoelen.
Delta21 maakt zichtbaar waar het systeem vandaag tekortschiet en waar samenwerking en regie nodig zijn om vooruit te komen.
Meer over de Erasmus Energy Club
Lees meer over de Erasmus Energy Club via hun Instagrampagina.